-A A +A

Zweefvliegen in Maubray

Maubray, 23 en 24 juni 2018. Op dat voorbije weekend vond er op het plaatselijke vliegveld een dubbele happening plaats. De lokale vliegclub hield er niet enkel een opendeurdag. Zij tekenden naar jaarlijkse traditie ook voor het organiseren van de gekende Volstice, een dag waarbij van zonsopgang tot zonsondergang aan zweefvliegen wordt gedaan. Dit gebeuren vindt in de laatste weken van juni plaats, net na de zomerzonnewende. De ‘Faucheurs de Marguerites’, bezielers van oldtimer zwevers waren zoals elk jaar uitgenodigd en brachten enkele interessante toestellen. Doorheen de jaren is er tussen beide clubs een band van vriendschap en vertrouwen gegroeid. Wie van zweefvliegen of van vliegen tout court houdt, is hier op het juiste adres.

Ik was er al sinds de jaren tachtig niet meer geweest. Het was in die dagen een lange rit op mijn brommertje om daar mijn tentje op te slaan tijdens een bijeenkomst van de Belgian Aircraft Homebuilders (BAH), een club van zelfbouwers die overigens al jaren niet meer bestaat. Navigeren ging toen via de Michelinkaart en was niet gemakkelijk. Ik moest hier en daar stoppen om aan de lokale bevolking de weg te vragen. Vandaag leidt mijn GPS in de auto me feilloos naar de coördinaten van een adres zonder naam, zo kwam ik via een landweg op de parking van de aeroclub terecht. De poëzie van het oord werd me snel voelbaar.

Een vogelperspectief op de landingsbaan, de hangars, het clubhuis en de omringende natuur.
De Schleicher ASK-13 is een klassieker. De RTAC is verbroederd met de Zoute Aviation Club en beide clubs gebruiken hier dit type voor de basisopleiding. Er zijn twee toestellen: de D-7522 ‘Strebenhardt’ en D-1355.

Vliegveld Maubray (EBTY), bij Doornik gelegen, is zonder meer een charmante locatie te noemen. Een van de buitenwereld afgezonderde graspiste wordt volledig omzoomd door struikgewas en lage bomen. Het gezang van vogels en de geluiden die de aerodynamica van de zwevers in vlucht produceren zijn ongeveer het enige dat ik hier kan horen.

Zodra men wat hoogte gewonnen heeft komt een ander, nog mooier landschap binnen oogbereik. De piloot heeft niet de tijd om op dat bepaald moment te sightseeën, als passagier kan dat wel.

Het vliegveldje, net naast de Franse grens gelegen – het Parc Naturel Régional Scarpe-Escaut begint er – is omringd door mooie bossen, kanalen, een steengroeve en waterplassen.

Royal Tournay Air Club
Ex-voorzitter Gérard Corneille staat ons te woord: “De Tournai Air Club mocht in 2015 vijftig kaarsjes uitblazen, waarna het de titel ‘Royal Tournai Air Club’ (RTAC) mocht dragen. Het werd een hele administratieve klus, een aanvraag met goed gestaafd dossier indienen bij één van de bureaus van Zijne Majesteit. En nu is er dat koninklijke getuigschrift om die titel te mogen dragen.

Carmam M200 OO-ZHH is een gracieus ogend houten toestel van Franse makelij dat dateert uit 1967. CARMAM is een afkorting die staat voor ‘Coopérative d’Approvisionnement et de Réparation de Matériel Aéronautiqe de Moulins’.
Deze AS H25 tweezitter komt net als de oudere ASK-13 uit de Schleicher-stal. Alexander Schleicher Segelflugzeugbau bestaat al sinds 1927 en is dan ook een referentie. Met een spanwijdte van 26 meter is deze privé-tweezitter hier de grootste en zijn glide ratio van 1 op 60 maakt dat hij ook de scherpste is. Een intrekbaar landingsgestel en inklapbare ‘thuiskomer’ Rotax-motor met 275 cc cilinderinhoud zorgen voor extra veiligheid en vluchtduur.

Een brokje geschiedenis. We schrijven 1965. In den beginne ging het om een motorvliegclub die een onderkomen had gevonden op een terrein van opgespoten aarde, afkomstig uit de aanleg van het kanaal Nimy-Blaton, en uit Le Grand Large, een klein watersportmeer waar Bloso (sinds 2016 Sport Vlaanderen) al jaren zeilcursussen geeft. De grond werd er met graafmachines vlak gestreken om zo een correcte landingsbaan aan te leggen.

Beetje bij beetje nam het zweefvliegen er de overhand. Vandaag is het hoofdzakelijk een zweefvliegclub met twee sleeptoestellen en een dertigtal zwevers die hier hun thuisbasis hebben. De bruikbare landingsbaan heeft een lengte van 640 meter op 18 m breed, alhoewel er ongeveer 1.000 meter vrije ruimte is, ook aan een extra breedte heeft dit terrein niets tekort. Er zijn ongeveer 85 actieve piloten die van het vliegveldje gebruik maken. Het vliegseizoen loopt hier van begin april tot begin oktober. Tijdens de winter wordt er niet aan zweefvliegen gedaan.

De Morane Saulnier MS894 Rallye Minerva OO-TGA is een van de twee slepers van de RTAC. De andere is een Robin DR 400-180R (F-GDYR).
Scarlett Cartigny is een enthousiaste, door de luchtvaartpassie gedreven dame.

De ADEPS (Administration de l'Education Physique et des Sports - de Franstalige pendant van Sport Vlaanderen, MG) geeft hier tweemaal per jaar een cursus, tijdens de paasvakantie en in juli.

De RTAC organiseert jaarlijks een eigen zomerstage voor jongeren en volwassenen die zo het zweefvliegen kunnen ontdekken en mogelijk ook willen doorstoten naar een vliegbrevet (info: stage@tournai-air-club.eu). Inschrijving kost 400 euro en omvat theorielessen en de zestien eerste lesvluchten (vier sleepstarten, twaalf met de lier). Er wordt een attest van de huisarts gevraagd, het lichaamsgewicht is beperkt tot 100 kg. Voor minderjarigen vragen zij een geschreven toestemming van de ouders (deelnemen kan vanaf 14 jaar).

Gérard Corneille, voorzitter gedurende een dertigtal jaren, heeft het roer recent overgelaten aan Fabien Beuscart. Gérard heeft zelf die beslissing genomen. Aangezien hij al wat op oudere leeftijd aan het komen is, stelde hij zich de vraag hoelang hij zelf de club nog zou kunnen runnen, laat staan nog medische toestemming zou kunnen krijgen om te vliegen. Toch is hij momenteel nog goed bezig als instructeur en examinator en blijft hij het opleidingsgebeuren in de club van dichtbij opvolgen.

Gérard: “Zweefvliegen is hoofdzakelijk een teamsport, dat mag niet uit het oog worden verloren. Wanneer men wil vliegen, moeten er minstens vier personen aanwezig zijn. Dan zal er misschien maar één kunnen opstijgen. Die zal dan vanuit de lucht aan de andere drie op de grond denken. Na de landing zal hij hen helpen om ook te gaan vliegen, dat is immers de ‘zweversfilosofie’. In de competitie ligt dat wel anders. Hier in Maubray denken we vooral aan het vliegplezier, niet echt aan de individuele prestaties.”

De infrastructuur van het vliegveld is wat verouderd en er komt stilaan een gebrek aan hangarruimte. Van op het terras van het clubhuis is er een goed zicht op de opstijgende vliegtuigen. De club telt een groot percentage Vlaamse leden.

Volstice
Jorn Hanssens, lid van de RTAC en van de Faucheurs de Marguerites: “De Volstice was dit jaar zeker geslaagd. De meteo was niet op en top, maar zat vrij goed. We maakten de eerste korte vlucht omstreeks 05.30 uur, de laatste om 21.40 uur in erg kalme lucht, bij prachtig licht. Er werd heel de dag duchtig gevlogen. Dit is eerder clubgebonden, er komt niet echt bezoek uit andere vliegvelden. De sfeer is bijzonder aangenaam, het is gewoon een plezant sociaal gebeuren. Hier een heel weekend verblijven, slapen in de caravan op de camping van het vliegveld, vliegen van ’s morgens tot ‘s avonds.”

De familie Cartigny
Scarlett Cartigny was een van de opmerkelijke deelnemers. Tijdens het weekend vloog zij voor het eerst op de Jaskolka OO-ZUX, toestel waarmee haar vader Marcel in Saint-Yan (F) deelnam aan het wereldkampioenschap in de zomer van 1956. De man nam ook meermaals deel aan Belgische kampioenschappen. Zij leerde al vliegen vanaf haar twaalfde, met haar vader als niet officiële instructeur. Het waren toen andere tijden....

Als zestienjarige ging ze solo met een zwever en werd ze op haar achttiende gelost op een motorvliegtuig. Nu heeft de dame iets meer dan 2.000 vlieguren, niettegenstaande zij vijf jaren niet kon vliegen. Een kroost van vier kinderen grootbrengen liet daar immers weinig tijd voor over. De passie bleef en er werd opnieuw gevlogen. Op een dag heeft ze dan ook haar licentie als sleeppiloot behaald bij de ATO Saint-Hubert. In combinatie met het zweefvliegen bracht haar dat jaar na jaar heel wat vliegervaring op, soms in niet al te makkelijke omstandigheden. Ze ambieerde ook om pleincommandant te kunnen worden op haar gegeerde thuisbasis Theux-Verviers. Recent is zij in de proeven geslaagd. Scarlett trots: “Il faut venir à Theux, c’est un aérodrome sympa et acceuillant”.

De sierlijke Jaskolka oldtimer hapt in op de thermiek.
Line up naar baan 29. Vleugels bij de vleet, wachtend op een take off slot.

Wat is haar mening na twee vluchten met de Poolse oldtimer? Scarlett antwoordt voorzichtig: “Tegenwoordig vlieg ik voornamelijk op recentere ‘composite’ toestellen die natuurlijk beter presteren (o.a. Schempp-Hirth Discus). In zijn tijd was de Jaskolka een competitiegericht toptoestel. Nu is het een vintage dat nog steeds goed vliegt en in de thermiek vrij goed presteert. Het vliegt tegelijk zacht en geeft een goede respons op elke stick-input.” Research en technologische evolutie hebben in die zestig jaren al aardig wat teweeggebracht in alle domeinen van de luchtvaart – gelukkig maar. In haar familie zijn nu al vier generaties piloten aan de gang. Het begon met haar grootvader, twee van haar kinderen gingen solo op hun zestiende en vliegen nu regelmatig. Scarlett heeft vier kleinkinderen die ze meermals in de lucht meenam, geen van hen schijnt al het vliegvirus te hebben. Misschien komt dat nog, om zo in de familie een vijfde generatie piloten te creëren?

Maubray is een bezoek overwaard, een aangenaam vliegveld met een prima sfeer en met jongeren die door de oudere generatie aangemoedigd worden om de stap naar het zweefvliegen te zetten.

Nuttige links:
RTAC, www.tournai-air-club.eu
Faucheurs de Marguerites, http://faucheurs.be/
Manu Godfroid over de Faucheurs, www.hangarflying.eu/nl/content/les-faucheurs-de-marguerites-een-blik-achter-de-schermen
Jorn Hanssens over Volstice 2014, www.hangarflying.eu/nl/content/old-timer-zweefvliegen-maubray-op-de-volstice
Jean-Pierre Decock  ‘Jaskolka au printemps’ van 7 mei 2016, www.hangarflying.eu/nl/node/4199

Manu Godfroid