-A A +A

De Pou-du-Ciel in Oostvleteren

Oostvleteren, 3 november 2014. Frans Nouwynck (74) ontmoeten we in een parochiale feestzaal in Oostvleteren. Frans is getrouwd met Jenny Bouten. Het echtpaar kreeg negen zonen en een dochter. Hangar Flying ging er op bezoek omdat Frans al zes jaar sleutelt aan de restauratie van een merkwaardige Pou-du-Ciel. Frans is nooit actief geweest in de luchtvaartsector. Zijn vader herstelde en verkocht zware landbouwmachines, een van zijn zonen zet de zaak verder. De krasse zeventiger heeft van zijn vader de liefde voor techniek geërfd, daarom praat hij ook met zoveel passie over de herstellingen aan zijn Pou-du-Ciel.

“Ik heb nog een paar maanden werk en dan wil ik het vliegtuig proberen. Of misschien vraag ik aan een piloot om een testvlucht te maken op een ULM-vliegveld in Frankrijk.”

Zoals onze lezers weten is de Pou-du-Ciel een toestel dat midden jaren dertig door de Fransman Henri Mignet (°1893, †1965) werd ontworpen. Zijn hele leven heeft hij zich ingezet om de luchtvaart te populariseren. De Pou-du-Ciel kon in een klein atelier gebouwd worden, was gemakkelijk bestuurbaar en tevens te vervoeren over de weg. Henri heeft een opmerkelijk leven gehad, ook met enkele dramatische momenten. In 1926 huwde hij met Anette Triou. Zijn geliefde werd op 10 december 1944 door partizanen vermoord.

De vader van Frans Nouwynck heeft de Pou-du-Ciel in 1948 eigenhandig in elkaar geknutseld. Op het oude vliegveld van Vlamertinge heeft hij er een eerste keer mee gevlogen, hoog was dat niet. Frans: “Dat moet in 1949 geweest zijn. We kenden het vliegveld daar, we vlogen er met de modelbouwclub van Dikkebus. Het vliegtuig is er echter met een van zijn wielen in een put terecht gekomen en het deed een kopstand. (Vliegveld Vlamertinge zie www.hangarflying.eu/nl/node/155 en database trefwoord ‘Vlamertinge.’) Maar ook op andere momenten heeft vader Marcel er kleine vluchten mee uitgevoerd. Hij vloog liefst in aanwezigheid van enkele vrienden of alleen, niet als er tientallen mensen stonden te kijken.”

Rechts Frans Nouwynck, links zijn broer Denis (†5 oktober 1960) bij de Pou-du-Ciel. (Archief Frans Nouwynck)

In de feestzaal in Oostvleteren bekijken we de vleugels en het staartroer, ze zijn gemaakt uit cederhout. In de grote vleugel vooraan zit een gesoldeerde koperen brandstoftank. Deze vleugel is nog niet overtrokken maar het vertikaal staartvlak en de achterste vleugel zijn al bekleed met lijnwaad. We hebben het vermoeden dat het Directoraat-generaal Luchtvaart de weg naar Oostvleteren nog niet heeft gevonden voor technische controles. Frans: “De lijm die ik gebruik is zeker van een goede kwaliteit, ik haal hem bij de schrijnwerker in de buurt. Ik ben wel nog op zoek naar een firma die mij beter materiaal kan leveren voor de bekleding van de vleugels. In 1959 stond de voorste vleugel nog op een zolder. We hebben een deel pannen van het dak moeten halen want de vleugel geraakte niet door de deur naar beneden. Het toestel werd dat jaar gebruikt in een stoet voor de burgemeester René De Meester.”

De voorste vleugel in de feestzaal in Oostvleteren.
Vertikaal staartvlak en achterste vleugel, klaar voor assemblage.
Brandstoftank in de voorste vleugel.

De vleugels en staartvlakken van deze Pou-du-Ciel uit Oostvleteren zijn duidelijk gebouwd volgens het boek ‘Le sport de l'air’, in 1934 eigenzinnig geschreven door Henri Mignet. In dat boek wordt het model HM-14 gedetailleerd beschreven voor zelfbouwers. Tijdens en na de Tweede Wereldoorlog ontwierp Henri Mignet de HM 280 ‘Maquis’ voor Generaal Eon, waarbij hij voor het eerst plooibare vleugels gebruikte zodat het nieuwe toestel in een doorsnee schuur kon verborgen worden, maar ook discreet door een motorfiets over de landwegen kon getrokken worden. Het plan van de op de HM- 280 gebaseerde HM-290 kwam in 1946 vrijwel gratis op de markt via het Belgisch tijdschrift 'Les Ailes.' De HM-290 had een totaal andere lijn dan de HM-14. Het plan uit 1946 was slechts afgedrukt op één grote pagina, ongeveer een meter lang. De zelfbouwers hadden heel wat werk om uit die compacte tekening een identieke HM 290 na te bouwen. Bij de meeste zelfbouwers lukte dat verbazend goed.

De Pou-du-Ciel in het atelier in Oostvleteren.

De Pou-du-Ciel van Frans is dus een hybride, die gebaseerd is op het ontwerp van voor de Tweede Wereldoorlog en net na de oorlog werd gebouwd. Dat maakt hem ook zo interessant. De vleugels zijn niet opklapbaar, wat naast de puntige vleugels en staartvlak een vooroorlogs design veronderstelt. Frans sprak ons ook over een map waarin grote planafdrukken zaten. Hij kan gelijk hebben maar ons is het niet bekend dat zo’n grote plannen voor of vlak na de Tweede Wereldoorlog zouden verkocht zijn.

De Pou-du-ciel van Oostvleteren is zoals gezegd geen standaard exemplaar. Hoogst merkwaardig is het feit dat de romp is gemaakt van een afwerpbare brandstoftank van een militair vliegtuig. Frans: “In onze streek kwamen er veel van die dingen naar beneden, meestal onbeschadigd. Mijn vader ging ernaar op zoek, hij haalde er de nog resterende brandstof uit. Eén van die brandstoftanks werd verbouwd als een vliegtuigje dat een V1 moest voorstellen. In 1945 werd dat meegevoerd in de bevrijdingsstoet. Later is dat verbouwd tot een romp voor deze Pou-du-Ciel.”

De verbouwde drop tank in de bevrijdingsstoet van Oostvleteren in 1945, nabij café De Sterre. (Archief Frans Nouwynck)
De als romp gebruikte brandstoftank.

Op het vliegtuig staat de motor van een Citroën Ami. Frans: “In de tijd van mijn vader zat er een ‘René Gillet V-motor’ op gemonteerd. We hebben de motor al een paar keer laten draaien. Natuurlijk binden we het vliegtuig dan stevig vast. Er zit voldoende kracht in die motor om de Pou-du-Ciel te doen vliegen. Je ziet dat ik er ook een goede geluidsdemper heb opgezet, ik wil de buurt geen last bezorgen natuurlijk. Mijn vader heeft deze schroef eigenhandig gemaakt, hij heeft er trouwens verschillende gemaakt.”

Op de plaats van het instrumentenpaneel zit een aluminium plaatje met een starter. Andere vlieginstrumenten lijken voor Frans wat overbodig te zijn. Het toestel weegt zo’n 130 kilo en is, buiten de vleugels, vooral gemaakt uit aluminium en ijzer. De voorste wielen zijn die van een scooter. Het plastic staartwiel moet zeker nog vervangen worden door een iets stijlvoller type.

In 1926 gebruikte Marcel, de vader van Frans, deze fiets die wordt aangedreven door een vliegtuigschroef. ’t Is een merkwaardig stukje technologie. Een voetganger die door de snel draaiende schroef zou geraakt worden moet vast en zeker zijn wandeling even onderbreken.
Logo van het bedrijf van Frans Nouwynck op de schroef van de fiets.

Het was een bijzonder aangenaam bezoek bij Frans en zijn echtgenote en we kijken natuurlijk uit naar de eerste vlucht van zijn Pou-du-Ciel. Bij een aperitiefje kwamen ook de beide wereldoorlogen ter sprake. Mensen uit de Westhoek gaan zeer respectvol om met die vele nabije herinneren aan de oorlog. Met Frans brachten we nog een kort bezoek aan de oorlogsgraven van enkele bemanningsleden op het kerkhof van Oostvleteren (zie database) www.luchtvaarterfgoed.be/content/graven-bemanning-lancaster-iii-lm429).

Frans Van Humbeek
Foto’s: Manu Godfroid