-A A +A

Luchtvaart onder een park in Wilrijk

Mortsel, 27 december 2008. In het park De Brandt in Wilrijk daalden we af in een Duitse WOII- commandobunker. Volgens een tip van een van onze lezers zouden hier vliegtuigonderdelen en stukken van V-wapens uitgestald liggen.

Twee ingangen, waarvan rechts deze voor het onderhoudspersoneel. Merk de rooster waarmee verse lucht werd opgezogen. Merk ook de betonnen bultjes op boven op de bunker, bedoeld al camouflage.

Stützpunkt Antwerpen (Steunpunt Antwerpen) was tijdens de Tweede Wereldoorlog het hoofdkwartier van het 89ste legerkorps. Resten van het Steunpunt zijn nu gelegen in het park De Brandt in Wilrijk. Hier liggen vijf Vf 52a manschappenbunkers, een Vf 57a hospitaalbunker en twee zeldzame SK1 commandobunkers. Alle steunpunten van de Atlantikwall, van aan de Westerschelde tot aan de Franse grens, stonden onder het hoofdcommando van deze twee SK1-bunkers (SK, Sonderkonstruktion). Van het SK1-type werden slechts zes exemplaren gebouwd. Twee bevonden zich in Utrecht (afgebroken), een in Tourcoing (museum), een in Roubaix en twee in het park De Brandt. In een van de SK1-bunkers van het Antwerpse park bevindt zich nu een museum. Nabij het museum werd ook een manschappenbunker en een hospitaalbunker opengesteld voor het publiek.

De hoofdgang in de bunker. Rechts aan de wand een vleugelonderdeel van een B-17 die mogelijk is neergekomen in Aarschot.

We namen de parkingang langs de riante Acacialaan. Aan de ijzeren poort staat een informatiebord dat verwijst naar het bunkermuseum. Buiten was het bitter koud maar binnen was de SK1 goed verwarmd, droog en zeer goed onderhouden. We werden er opgewacht door Pierre Koreman, de voorzitter van de vzw Bunker en Vliegtuig Archeo Antwerpen. Pierre is natuurlijk een welbespraakte gids en een ervaren onderzoeker wat vliegtuigcrashes tijdens de Tweede Wereldoorlog betreft. Zijn manuscript “Luchtoorlog boven de Kempen” wacht op publicatie.

Pierre Koreman, de 75-jarige voorzitter van Bunker en Vliegtuig Archeo Antwerpen, bij een V2 motor aan de ingang van het museum. Het is een van de vier exemplaren dat werd gerecupereerd uit een klooster in Ranst.

Zijn vereniging telt slechts vier leden. Die kleine groep vrijwilligers verzet echter bergen werk. Ze hebben doorheen de jaren een expertise opgebouwd die niet genegeerd kan worden door overheidsinstanties die werken aan de reglementering van bergingen en detectie van vliegtuigen. Toch voel ik dat bv. wat extra logistieke hulp van het stadsbestuur meer dan welkom zou zijn.

De bunkers werden in 1943 in gebruik genomen. Enkele dagen voor de bevrijding van Antwerpen (4 september 1944) werd het complex door de Duitsers verlaten. Na de Tweede Wereldoorlog beheerde het Belgische ministerie van defensie een tijdlang de Antwerpse militaire constructies. Heel wat materiaal werd openbaar verkocht of gewoon geplunderd. Het plan om de solide constructies af te breken heeft men gelukkig laten varen. In de periode van de Koude Oorlog werden ze opengesteld voor oefeningen van de Burgerbescherming. Vanaf 11 juni 2004 werden de bunkers beschermd als monument.

De vrijwilligers van de vzw Bunker en Vliegtuig Archeo Antwerpen slaagden erin om enkele ruimtes van de SK1 zo goed mogelijk te restaureren. Gas werd buitengehouden door een systeem van overdruk in de bunker, de kleppen zijn nog overal zichtbaar. Het systeem van luchtfiltering met koolstoffilters heeft de vzw gerecupereerd uit een teloorgegane Duitse verdedigingspost in Frankrijk. Een van de kamers werd mooi gerestaureerd als slaapplaats van de Duitse militairen. Op een bordje staat aanschouwelijk uitgelegd hoe de bewoners de betonnen constructie door een vernuftig gebouwde nooduitgang konden verlaten.  

Dit bord werd tijdens de Tweede Wereldoorlog gebruikt door het Duitse luchtafweer. Daarna vonden de geallieerden het ideaal als job board. Na de oorlog werd het jaren gebruikt om er groenten op te kuisen. Het kreeg uiteindelijk een gepaste plaats in dit museum.
De tentoonstellingkasten zijn fijn verzorgd. Bij de onderdelen liggen korte teksten en meestal ook een tekening. De bezoeker kan zich dus een beeld vormen van de plaats en de functie van het onderdeel in het vliegtuig. In deze kast liggen o.a. stukken van het kompas van een Ju 88.
Links een Wright Cyclone R-1820-97 met daarachter een pantserplaat van een schutterspositie, vermoedelijk van de B-17 “Milk Run Maible” die op 10 januari 1945 werd neergehaald boven Oostham. Rechts de naaf van een schroef. Voor dit onderdeel in het museum terechtkwam werd het bij een landbouwer in Gierle gebruikt om er het mes van een zeis op scherp te kloppen.

Een kamer in de bunker is volledig gevuld met opgegraven vliegtuigonderdelen en de geschiedenis ervan. De stukken komen uit de collectie van de voorzitter en van onderzoeker Bart Beckers. In een andere kamer wordt aandacht besteed aan de “vliegende bommen”, er liggen heel wat V1 en V2 onderdelen. Je kan een petitie tekenen om de Reichenberg die door de Sinjoren werd uitgeleend aan het Franse museum La Coupole (Pas-de-Calais) terug naar Antwerpen te halen. Een Reichenberg is eigenlijk een V1 voorzien van een rudimentaire cockpit. In totaal werden 175 Reichenbergs gebouwd, slechts vijf overleefden de oorlog. Het exemplaar van La Coupole werd door Generaal Armstrong aan Antwerpen geschonken en is symbolisch dus erg belangrijk voor deze stad.

Binnen hangt deze gedenkplaat van Brigade-generaal Claire H. Armstrong. De plaat hing oorspronkelijk aan het huis in de Rubenslei 17. Daar verbleef Armstrong toen hij het afweer coördineerde tegen de moordende V-wapens. Het huis werd in 2004 gesloopt, de plaat werd gelukkig gered.
Links de brandstoftank van een Vergeltungswaffe V1, daarachter de bolvormige zuurstofcontainers en rechts de straalmotor. De zuurstof werd opgeslagen onder een druk van 170 bar. Een van de bolvormige zuurstofcontainers is hier nog omwonden met staaldraad.
Door het grondpersoneel werd de V1 op stootkarren vervoerd. Boven op de houten karren een stabilisatievlak en een spanrol waarmee het wapen werd vastgesjord op de kar (links boven op de foto). Daaronder de resten van een drukfles voor waterstofperoxide. Het samenbrengen van calciumpermanganaat en waterstofperoxide zorgde voor een explosief mengsel dat in de schans als starthulp werd gebruikt voor de lancering van de V1. Rechts hangt een verbindingskast voor telefonie.

Informatie over de openingsdagen kan je vinden op www.bunkervliegtuigarcheo.com. Voor groepen is het museum ook toegankelijk tijdens weekdagen, uitgezonderd op donderdag. De vzw overleeft zonder subsidie van de stad, alle steun is dan ook welgekomen. Voor afspraken bel 03/218 66 10.

Frans Van Humbeek
Foto’s: Paul Van Caesbroeck